sint Antonies gasthuis

Wij volgden de sint Antoniesdijk, de middeleeuwse stad uit, om aan te komen bij het sint Antonies gasthuis waarvan de stichtingsdatum vóór 1387 moet liggen. Het werd gesticht door de hospitaalorde der Antonieten die een remedie hadden tegen het sint Antoniesvuur ofwel ergotisme. Dat was een heftige aandoening die veroorzaakt werd door een eenzijdig dieet met door schimmel aangetaste rogge. De dijk ontleende mogelijk zijn naam aan dit gasthuis.

detail uit de vogelvluchtkaart van Cornelis Anthonisz uit 1544
historiserende tekening nav de vogelvluchtkaart uit 1544

Toen tussen 1425 en 1450 het Singel werd gegraven kwam het Sint Jorishof, waar van oudsher melaatsen werden opgevangen, binnen de stad te liggen en kwam er een ruilhandel met het sint Antonies gasthuis dat nog buiten de omwalling lag. De melaatsen vertrokken naar de sint Antoniesdijk en het sint Jorisgasthuis nam alleen nog proveniers op. Proveniers kochten zich voor een eenmalig bedrag in en genoten vervolgens levenslang kost en inwoning. Het Sint Antonies gasthuis werd vanaf dit moment Leprozenhuis genoemd.

ook historiserend, in later tijden getekend

Door de Tweede Uitleg, eind 16e eeuw, kwam het Leprozenhuis zelf binnen de stadsmuren te liggen en toen in 1635 het pesthuis, ver buiten de stad, werd gebouwd (naast de plek waar nu het voormalige Wilhelmina gasthuis staat) nam het Leprozenhuis, naast proveniers ook ‘onnozelen’ en ‘krankzinnigen’ op. Het complex werd nu ook het Lazarushuis genoemd.

detail uit de kaart van Balthasar Florisz van Berckenrode uit 1625

Rond 1654 kochten de Oudezijds Huiszittenmeesters een stuk van de tuin van het Lazarushuis direct naast hun pakhuizencomplex, de begin 17e eeuw gebouwde stadsturfpakhuizen. Zij bouwden hier het Oudezijds Huiszittenhuis, nu de Academie van Bouwkunst.

In 1859 besloot de stad het Lazarushuis te slopen. Door de halstarrigheid van één provenierster, die elke regeling weigerde, duurde het tot 1865 voor er gesloopt kon worden. Na de sloop verrezen op die plek het politiebureau J.D. Meijerplein en het physiologisch laboratorium.

Toen in 1967 het Mr. Visserplein werd aangelegd zijn deze gebouwen eveneens verdwenen.

Regulierspoort

In oktober verdiepten we ons in het Reguliersplein dat van 1668, tot het plaatsen van het beeld van Rembrandt in 1876, de Botermarkt werd genoemd en daarna pas Rembrandtplein ging heten.

Er was ook een Regulierspoort, dat was een van de drie stadspoorten van het Middeleeuwse Amsterdam. De linkertoren van deze poort bestaat nog en wordt de Munttoren genoemd.

Beeldpresentaties Lisa Lalieu StadsarchiefHet Rembrandtplein lag tot de stadsuitbreidingen van de 16e eeuw in een weilandgebied langs de oever van de Amstel. Even verderop, buiten de veste, lag het klooster Sint-Jan de Evangelist ter Nieuwer Amstel, in de volksmond bekend als het Regulierenklooster. Dit klooster werd in 1532 door brand verwoest maar is nog te zien op de eerste kaart van Amsterdam uit 1538 van Cornelis Anthonisz:

Beeldpresentaties Lisa Lalieu Amsterdam Museum
detail vogelvluchtschilderij

Op de kaart van Jacob van Deventer uit 1560 ziet het kloosterterrein eruit als een ruine:

Beeldpresentaties Lisa Lalieu Jacob van Deventer
detail

Na de Alteratie van 1578 werd het kloosterterrein onteigend en omgebouwd tot lusthof en herberg. In 1638 werd hier de eerste Hortus Medicus gesticht. Bij de vierde uitbreiding van de stad rond 1664 is het complex opgeheven en verplaatst naar het Binnengasthuisterrein tot in 1682 de Hortus Botanicus in de Plantage werd geopend.

Ook de oude Regulierspoort ontkwam niet aan brand, in 1618 ging de poort en de glasblazerij die zich ernaast had gevestigd in vlammen op. Men besloot alleen de westelijke toren te herbouwen en de stompe toren kreeg daarna in 1619-1620 een achtkantige bovenbouw en een sierlijke open lantaarn naar een ontwerp van Hendrick de Keyser. Het wachthuis had de brand goed doorstaan en werd in 1674 verbouwd tot herberg.

Beeldpresentaties Lisa Lalieu de Munt

Spui

Deze maand bogen we ons over de geschiedenis van het Spui, oorspronkelijk mondde hierin de Boerenwetering uit. In de Kalverstraat, oorspronkelijk een dijk, zat ter plaatse van het Spui een spuisluis, de Osjessluis genaamd.

Beeldpresentaties Lisa Lalieu Osjessluis
de Osjessluis in het Spui en de Kalverstraat

En toen rond 1428 het Singel gegraven werd, kreeg het water een tweede sluis, het Boerenverdriet.

Beeldpresentaties Lisa Lalieu Berckenrode
detail uit de kaart van Balthasar Florisz van Berckenrode uit 1625

De geschiedenis van het Spui is onlosmakelijk verbonden met die van het Begijnhof. Omdat de Boerenwetering regelmatig overstroomde was het begijneneiland een moeras dat eigenhandig en met succes door de begijnen werd drooggelegd.
Beeldpresentaties Lisa Lalieu Begijnhof

 

Ook kregen de begijnen het gedaan dat het stadsbestuur beloofde nooit de strook grond tot het Spui te bebouwen, zodat er blijvend vrij uitzicht zou zijn. Daar hebben we dit mooie plein aan te danken!

Ontstaan van Amsterdam

In augustus doken we in de vroegste geschiedenis van Amsterdam. De archeologen van de stad konden, tijdens de bouw van de Noord-Zuidlijn, door de rivierbedding van de Amstel heen graven en kwamen op 30 meter diepte in de laatste ijstijd terecht, 21.000 jaar geleden! zie ‘de schatten van de Noord-Zuidlijn’ op Youtube.

Er zijn, tijdens de bouw van de Noord Zuidlijn zo’n 700.000 archeologische vondsten gedaan die in 2018 een plek kregen in het station Rokin. De oudste objecten, oa een stenen strijdhamer, zijn uit de nieuwe steentijd, circa 2600 voor Chr. Er was dus al prehistorische bewoning vlakbij de latere Amstelmonding.

Door een grote stormvloed rond 1170 werd Amsterdam geboren, de monding van de Amstel werd een aantrekkelijke vestingplek voor vissers, ambachtslieden en handelslui. Het leggen van de dam in de riviermonding tussen 1264 en 1275, onderdeel van de ontginning van Amstelland wordt gezien als het begin van de stad en het verlenen van het tolprivilege in 1275 door Floris V van Holland zorgde dat Amsterdam in de geschreven geschiedenis terecht kwam.

Beeldpresentaties Lisa Lalieu Stadsarchief
tekening uit 1844. (Stadsarchief) Historiserende voorstelling van hoe Amsterdam er voor 1400 moet hebben uitgezien. Vogelvluchtgezicht. Prominent in beeld de Oude Kerk, met rechts daarvan het Damrak, uiterst rechts de eerste Haarlemmerpoort en links daarvan de Sint Jacobskapel. De scheepstypen zijn van veel latere datum.

Walen in Amsterdam

Deze maand ligt het vergrootglas op de Walen in Amsterdam.

Dit waren protestanten uit de Zuidelijke Nederlanden (nu voornamelijk België en een deel van Limburg) die, vooral na de val van Antwerpen in 1585, een goed heenkomen zochten in onze republiek.

Zij werden opgenomen als calvinistische, franssprekende gemeente en kregen van de stad de voormalige Paulusbroederkapel toegewezen, die leegkwam na de Alteratie in 1578. Dit is nog steeds de Waalse kerk en nog steeds wordt er iedere zondag om 11 uur ’s ochtends een kerkdienst in het Frans gehouden.

Een eeuw later, in 1685, werd in Frankrijk door Lodewijk XIV het Edict van Nantes ingetrokken en nu kwamen ook veel Franse protestanten, die Hugenoten werden genoemd, naar de republiek. Zij werden vanzelfsprekend in de Waalse gemeente opgenomen en werden ook Walen genoemd.

Zij waren zeer welkom, er werden huizen voor hen gebouwd, de Wevershuizen en Amsterdam had eind 17e eeuw een Walenhoek.

Boerenwetering

volgen we de Boerenwetering die oorspronkelijk werd aangelegd voor de afwatering van het veengebied bij Amstelveen.

Hij liep in het noorden tot bij het Spui en de Nieuwezijds Kolk. Bij verscheidene stadsuitbreidingen werd de wetering ingekort.

Het gebied langs de Boerenwetering, ten zuiden van de Singelgracht, was tot eind 19e eeuw een landelijke omgeving:

Huisjes aan de Boerenwetering aan het einde van het Hoedemakerspad, nu Ruysdaelkade bij de Van Ostadestraat